uitkomsten
Inleiding
Er is veel te doen over de kwaliteit van de fysiotherapie. De patiënten dienen meer inzicht te krijgen in deze kwaliteit, zodat ze een bewuste keuze kunnen maken. Veel Fysiotherapeuten weren zich tegen uitkomstmetingen. Ze zijn bang dat ze door de zorgverzekeraars hierop worden afgerekend. Zo zou het aantal behandelingen en het gemeten resultaat niets zeggen over de kwaliteit. Deze uitkomsten zijn natuurlijk sterk afhankelijk van de "ingangskwaliteit" van de te behandelen patiëntengroep (jonge mensen/ oudere mensen, 1e x klachten of 20e x, acuut of zeer chronisch). Daarom dient men dit volgens mij ook te meten. In de nabije toekomst zullen zogenaamde kwaliteitsindicatoren worden verzameld. Deze zorgen mijns inziens niet voor meer duidelijkheid voor de patiënt over de kwaliteit van een praktijk. Daarom presenteer ik hier, misschien wel als eerste praktijk in Nederland(?), mijn gemeten behandelresultaten. Ik denk dat ze er mogen zijn, ik ben er trots op!
Van 91 patiënten met lage rugklachten, bleken er 11 niet geschikt voor mijn therapie. Binnen 2 zittingen stond bij deze mensen vast, dat de behandeling gevaarlijk (gecontraïndiceerd) of (tenminste) op dat tijdstip zinloos zou zijn. (bijvoorbeeld bij een reeds ver voortgeschreden hernia). Deze mensen werden terugverwezen en zijn daarom niet meegeteld. Bij enkele patiënten bleek pas na meer als 2 zittingen, dat ze geen baat hadden bij de therapie, of niet in staat waren om mijn adviezen voldoende op te volgen. Deze eindigden dan binnen 5 zittingen met geen resultaat, maar zijn wel in de metingen meegenomen. Tevens waren er 7 patiënten waar geen meting kon plaatsvinden, omdat ze de therapie afbraken, of niet meer voor de laatste zitting terugkwamen. Zodoende werden 73 patiënten gemeten.
Samenvatting/conclusies
belangrijke gegevens die niet zichtbaar zijn in onderstaande tabel:
86,1% van de in behandeling en gemeten patiënten verbeterden zich!
De verbetering gemeten met RES varieerde van 0 tot 100%.
Voor verbetering kon geen absolute leeftijdsgrens worden vastgesteld, de oudste patiënt van 86 verbeterde 100%.
Voor verbetering kon ook geen absolute grens voor de duur van het bestaan van de klachten worden vastgesteld, een patiënt met 100% verbetering had voordien minstens 20 jaar klachten gehad.
Ook patiënten die voordien zonder (blijvend) succes andere therapieën hadden geprobeerd, verbeterden door mijn therapie alsnog. In dit verband werden o.a. genoemd.: verschillende soorten medicijnen (pijnstillers, ontstekingsremmers, spierverslappers en opiaten), fysiotherapie bij een collega, manuele therapie, orthomanuele therapie, chiropractie, accupunctuur en medische fitness.
De symptomen van de rugpatiënten varieerden van zogenaamde a-specifiecke klachten tot middels MRI vastgestelde hernia met ischias.
Enkele lage rugpatiënten waren al een of meerder keren aan een hernia geopereerd. Ook dit stond geen verbetering in de weg.
Verder opmerkingen
De verbetering van de pijnscore de RES en de QBPDS blijken voor de groep als geheel sterk overeen te komen!
De getallen:
blauw: absolute getallen
paars: de minimale en maximale waarden
zwart: de percentages.
| Sept 2007 t/m Dec 2008 | Alle (z.NG/afg) |
| Groepsgegevens | |
| aantal gemeten patiënten met lage rugklachten | 73 |
| gemiddelde leeftijd | 51,0 |
| Mannelijk | 49,3% (36) |
| Vrouwelijk | 50,7% (37) |
| Tevens klachten aan het bewegingsapparaat elders | |
| Borstwervelkolom | 2,7% (2) |
| Halswervelkolom | 10,9% (8) |
| Hoofdpijn | 0,0% |
| anders | 6,8% (5) |
| Manier van aanmelding | |
| Direct | 78,1% (57) |
| Verwijzing | 21,9% (16) |
| Duur van de klachten in weken | |
| 0-6 | 28,8%(21) |
| 7-12 | 5,5% (4) |
| 12-52 | 28,8% (21) |
| 52-104 | 8,2% (6) |
| >104 | 28,8% (21) |
| Recidieven: aantal keren al de klacht eerder gehad | |
| 0 keer | 20,5% (15) |
| 1-5 keer | 43,8% (32) |
| 6-10 keer | 11,0% (8) |
| >11 keer | 24,7% (18) |
| Zittingen en duur | |
| zittingen gemiddeld | 5,7 (1-12) |
| duur in weken gemiddeld | 6,9 (1-20) |
| Pijnscores (0-10) aantal metingen: 59 (80,8,%) | |
| voordien gemiddeld | 5,8 (1,0-9,0) |
| nadien gemiddeld | 1,6 (0,0-8,0) |
| verbetering | 72,4% (4,2) |
| Functionele scores (0-100) aantal metingen: 31 (42,4%) | |
| QBPDS voordien gemiddeld | 39,9 (12-71) |
| QBPDS nadien gemiddeld | 12,5 (0-38) |
| QBPDS verbetering | 68,9% (27,5) |
| Resultaatmetingen (0-100%) aantal metingen: 72 (98,6%) | |
| RES gemiddeld (in %) | 71,7% (0-100) |
Verklaring van de gebruikte afkortingen:
QBPDS: de waarde van een functionele vragenlijst (zie meetinstrumenten)
RES: het antwoord van de patiënt op de vraag: “ Hoeveel procent klachtenvermindering ervaart u in vergelijking met het moment voordat u de therapie begon?”
De toekomst: recidievencontrole en grotere getallen.
In de toekomst zal het mogelijk zijn nog grotere getallen van behandelde patiënten te presenteren. Er zijn geen grote veranderingen in uitkomsten te verwachten als de patiënten mij op dezelfde manier benaderen (de meesten op eigen initiatief en na voorinformatie) en ik dus dezelfde "ingangskwalitieit" krijg. Ook hoop ik dan zoveel nek/ en hoofdpijnpatiënten gemeten te hebben, dat ik ook deze kan publiceren.
Verder lijkt het me interessant om patiënten te vragen naar het voorkomen van recidieven (=terugkeer van dezelfde klacht) na afsluiting van mijn therapie. Ik hecht er grote waarde aan om mijn patiënten te leren, hoe ze een terugkeer van dezelfde soort klachten in de toekomst kunnen voorkomen. Dit is ook een typische eigenschap van het MDT/McKenzie systeem.
De hoogte van de recidievenfrequentie na afsluiting van de therapie is, naast de directe uitkomsten en het aantal gebruikte zittingen, bepalend voor de daadwerkelijke kwaliteit van elke vorm van genezende fysiotherapie!
In het ideale geval zouden er bij mijn ex-patiënten (bijna) geen recidieven voorkomen. Ik heb daadwerkelijk maar heel weinig patiënten met dezelfde klacht nog een keer gezien (het zou echter kunnen dat een aantal in zo een geval elders hulp zoekt). Ook heel goed zou zijn, als patiënten die oude klachten opnieuw waarnemen, in staat blijken te zijn deze geheel zelfstandig terug te kunnen dringen. De vragenlijst voor de recidievencontrole dient zeer kort en duidelijk te zijn, zodat zoveel mogelijk ex-patiënten ze ook daadwerkelijk invullen
terug: meetinstrumenten.
<<<.